Het zal je niet ontgaan zijn: het is bloedheet (joh!). En iedereen wil zo weinig mogelijk kleding aan. Misschien is het je tussen nieuwjaarsdag en nu niet gelukt om die strakke beachbody te krijgen, maar hé: je hebt een beach en je hebt een body en je lost het nu toch niet meer in één dag op. Dus stop met je adem inhouden als er wat leuks voorbijloopt. Maar misschien kunnen we het even over je kerstjurk hebben (cq je kerstoverhemd). Alleen het praten over een koude periode is al lekker.

Moet dat nou, ik zit net lekker aan een ijsje / pilsje

Ja, je begint toch morgen, dus wat maakt het uit 😉 Nu de kleren massaal uit gaan, hoor je ook steeds meer over body acceptance. Acceptatie van je body dus, ook als die iets minder beachproof is dan je had gewild. Waarbij de volgende vraag in me opkomt: accepteer je het écht of heb je het opgegeven? En dat laatste is iets anders dan accepteren.

Optie 1: je accepteert jezelf zoals je bent

Van harte gefeliciteerd. Waarschijnlijk zing jij uit (volle) borst de tekst: liever te dik in de kist dan weer een feestje gemist en echt: mijn zegen heb je. Je kunt jezelf inderdaad afvragen of iedereen er gelukkiger van wordt om altijd met lijnen bezig te zijn, terwijl het resultaat daar niet zo naar is. Ik wilde het een ‘mager resultaat’ noemen, maar dat is flauw.

Optie 2: je hebt het opgegeven om te worden wie je wilt zijn Je hebt van alles geprobeerd, maar niets werkt.
De eierkoeken van Sonja niet, de kaasblokjes van dokter Frank niet en de shakes van de drogist ook niet. Voor je gevoel heb je weinig andere keuzes dan te accepteren wie je bent. En je zwembroek of bikini in een maat groter te kopen.

Geef niet op

Dat zou ik tegen die laatste groep willen zeggen. Waarschijnlijk volg je een hysterisch dieet dat je op wilskracht gewoon niet lang kunt volhouden. Je wilt 20 kilo afvallen maar het einde is zo ver weg, dat het een onoverbrugbare kloof lijkt. Of je nieuwe regime past totaal niet bij het leven dat je leidt.

Wat dan wel?

In de organisatieverandering passen ze het model plan-do-check-act toe. Toegepast op jouw verandering zou dat het volgende kunnen betekenen:

• Plan: Plan je doel en je activiteiten. Voorbeeld: ik wil 10 kilo afvallen. Dat doe ik door maaltijden van 1500 kcal per dag (totaal) in te plannen.

• Do: Uitvoering. Eet je maaltijden volgens de planning.

• Check: Controleer 1x per week het resultaat op je weegschaal. Is het resultaat in lijn met je gestelde doel?

• Act: Bijsturen. Pas je plan aan als het resultaat tegenvalt. Of teveel meevalt (kan ook).

Deze ‘PDCA-cyclus’ pas je toe zo lang je verandering duurt. Bij het stabiliseren gebruik je het ook, alleen verandert dan je doel en je actie. En natuurlijk kun je er andere doelen aan toevoegen, zoals 10.000 stappen per dag lopen of drie keer per week sporten. Een ander voorbeeld:

• Plan: Ik wil fitter worden. Dat doe ik door twee keer per week hard te lopen en minimaal 10.000 stappen per dag te lopen. Ik beoordeel mijn huidige fitheid met een cijfer.

• Do: Ik voer mijn activiteiten uit volgens plan.

• Check: ik kijk op mijn app of ik elke dag 10.000 stappen loop en in mijn agenda of ik twee keer hardgelopen heb. Daarnaast beoordeel ik mijn fitheid met een cijfer.

• Act: Is het cijfer iets hoger, dan stuur je niet bij. Is het cijfer lager, dan stuur je bij, afhankelijk van de reden.

Waarom zou ik dit doen?

Het is een heel systematische benadering van je gewenste verandering. Wil je iets veranderen, dan moet je iets doen. Zo simpel is het eigenlijk. En door te plannen tackel je alle excuses en redenen om te falen. Door regelmatig te checken kun je je plan zo nodig bijsturen. En dan werkt het eigenlijk altijd.

Met de PDCA-cyclus kun je dus elke verandering managen. Jij bent de manager en ook eindverantwoordelijk. Het weer, drukte, die verjaardag en die vakantie zijn dus niet verantwoordelijk. Hou je vorderingen bij in een overzicht in je computer of in een schrift en focus op het resultaat tot nu toe.

Valt het resultaat tegen en snap je niet waarom? Ik kijk graag even met je mee.